Regen

Nergens ter wereld is het weer zo vaak onderwerp van gesprek als in Nederland. Je weet dan ook nooit wat je te wachten staat. Net die zomer dat je in een duur buitenland was, was het hier stralend weer. Het jaar daarop bleef je vol vertrouwen in eigen land en goot het wekenlang en kreeg je ook nog lekkage in je nieuwe plafond door een miniem scheurtje in de dakbedekking.

Het prettige is dat je ‘het’ (klimaat, KNMI, kapitalisme) de schuld kunt geven, zonder dat iemand je daarop afrekent. Je mag oprecht verontwaardigd zijn over zoveel onvoorspelbaarheid. U wist het nog niet maar eigenlijk hebben we recht op goed weer. Net als we recht hebben op een uitkering en recht hebben op volle schappen in de supermarkt. Sommige dingen horen gewoon zo, zeker in ons land. Als het nog niet geregeld is, wordt het de hoogste tijd dat iemand dat gaat doen!

Ik zit thuis met een trui aan en aarzel of ik de kachel zal aanzetten. Een fikse herfstgriep heeft me al een week in zijn greep en ik kom net weer een beetje van de bank af. Niks geen blote voeten in slippers, maar pantoffels en sokken. En maar medelijden hebben met mijzelf en met de mensen die nu in een tentje moeten zitten, waar ze dan ook nog voor betaald hebben. En die daarom achteraf gaan zeggen dat het zo gezellig was om samen binnen te zitten in de caravan of in de kantine van de camping. En dat het ook best leuk was om buiten met een paraplu in een poncho met grote rubberen laarzen naar de modderige douches te lopen – hoewel het best onhandig was om je met al die spullen in dat koude, natte hokje om te kleden zonder weer net zo modderig weg te gaan als je gekomen was. Ze zullen zeggen dat het slechte weer enorm verbroedert en dat ze nu eigenlijk meer hebben genoten van elkaar dan als het te warm is. En dan gaan ze stiekem volgend jaar toch maar naar Tenerife met zongarantie. En dan blijkt het in Nederland ineens een superzomer te zijn terwijl ze daar bijna door een modderstroom zijn meegesleurd. Zo is alles weer betrekkelijk.

Ik denk aan mijn dochter in Afrika, in Ghana is het ook regentijd. Een aantal keren per dag stort daar de regen met bakken naar beneden, het bliksemt en dondert gigantisch, en dan houdt de regen gewoon weer op. Zo nodig wordt de elektriciteit gerepareerd en ieder pakt de draad weer op. Het is daar trouwens warm en nat, hier is het koud en nat. Hier hebben we daarentegen verwarming, riolering en waterleiding. Waar mijn dochter verblijft is geen sanitair of afwatering en ik probeer me voor te stellen – liefst niet te gedetailleerd – wat het effect is van zo’n stortbui in een dorp waar 1500 mensen zoveel keer per dag toch ergens iets kwijt moeten.
Zou er ook een buienradar zijn voor Ghana (en niet buienrader, zoals een vriend van mij het noemt).

Ik droom van een zomeravond met droge witte wijn op een balkon, van gebakken gamba’s op een terras aan zee. Zo’n terras met uitzicht op loungebanken met zanderige kussens waarbij je je afvraagt wie er allemaal al tegenaan hebben gezeten met hun ingesmeerde lichamen. Waar de hele tijd stevige blote benen die liever binnen waren gebleven langs je komen schuifelen met voeten in Birkenstocks of teenslippers. Waar de hoeveelheid tattoos verbijsterend groot is. Variёrend van een vlinder tussen twee middenvoetsbeentjes of een dolfijntje net boven de enkel tot totaal gedecoreerde armen (dat heet een sleeve), waarbij liefst nog kunstig een spinnenweb rondom de elleboog is getekend.

Ach, zomer heeft ook zijn nadelen. Zo’n verbrand hoofd met trekkerig vel van de zon is toch ook niks. En die zware natte handdoeken vol strandzand ook niet, waarin dan nog een restant blijkt te zitten van het broodje eiersalade dat je halverwege de dag na een windvlaag ineens kwijt was.

En wat dacht je van al die bosbranden in Zuid-Europa en die hittegolf in Amerika? Daar hopen ze op regen die niet komt. Dan heb ik liever onze regen, daar krijg je tenminste een groen landje van. En met een paraplu, een poncho en rubberen laarzen kom je overal.

Zo is alles weer betrekkelijk, dus geef mij dan maar boerenkool in juli.